Duurzaam bouwen met RHEINZINK

- Natuurlijk, onderhoudsvrij oppervlak
- probleemloze afwatering van regenwater
- 100% recyclebaar - geen downcycling
- 95% recycling quote
- Weinig primaire energie nodig
- Milieu product verklaring volgens ISO 14025, Type III
- Milieu Management Systeem volgens ISO 14001
- Cradle to Cradle Silver gecertificeerd
- Bescherming tegen elektrosmog
Het doel van duurzaam bouwen
Het doel van duurzaam bouwen is vooral kwaliteit - en dat in een veelomvattend perspectief. Zo zijn duurzame gebouwen economisch efficiënt, milieuvriendelijk en zuinig met natuurlijke hulpbronnen.
Zij zijn behaaglijk en gezond voor de gebruikers en passen optimaal in hun socio-culturele omgeving. Daarbij blijken duurzame gebouwen op lange termijn waardevast te zijn. Voor beleggers, eigenaren en gebruikers.
Waarom past RHEINZINK perfect binnen duurzaam bouwen?
Met RHEINZINK wordt aan de eisen van de toekomst voldaan. Het natuurlijke materiaal voor dak-, gevel- en hemelwaterafvoersystemen voegt al meer dan 40 jaar de som van alle positieve duurzame eigenschappen samen. De uitstekende ecologische balans wordt in de milieuverklaring volgens ISO 14025, Type III, volledig waargemaakt
RHEINZINK producten zijn met een evensduur van meer dan 75 jaar (bron: Studie TNO, Breda) extreem duurzaam en zijn onderhoudsvrij. Het natuurlijk gevormde patina beschermt het materiaal generaties lang. Zelfs eventuele krassen verdwijnen in de loop van de tijd uit het zicht. Dit geldt voor de RHEINZINK oppervlaktevarianten walsblank, Nature grey-pro en Graphite grey-pro.
Met het laagste energieverbruik tijdens de fabricage en daarom ook de laagste CO2-uitstoot bij de productie is RHEINZINK het lichtgewicht onder de bouwmetalen. RHEINZINK is 100% recyclebaar (in tegenstelling tot geverfde en andere samengestelde materialen) en kan onmiddellijk zonder tussenstappen worden hergebruikt. Aangezien de energie die nodig is voor recycling maar zo'n 5% van de primaire energiebehoefte uitmaakt en het oud metaal nu al een waarde oplopend tot 60 procent van de grondstofprijs voor zuiver zink vertegenwoordigt, is kiezen voor RHEINZINK zeker ook in het belang van de toekomstige generaties. Dankzij een hoog recyclingpercentage van meer dan 95 procent wordt een verdere reducering van de energiebehoefte voor primair materiaal bereikt. Schroot dat uit het RHEINZINK fabricageproces komt, wordt direct weer omgesmolten en gebruikt.
Van blijvende waarde:
RHEINZINK is een materiaal met een levensduur van meerdere generaties dat grenzen verlegd.
Certificeringsystemen voor gebouwen
LEED® - Leadership in Environmental & Energy Design
Het LEED-systeem is momenteel 's werelds populairste certificatiesysteem. Het is door de U. S. Green Building Council ontwikkeld en werd in 1998 in de Verenigde Staten geïntroduceerd.
Er wordt volgens de categorieën samengesteld:
- Categorie 1: Sustainable sites (locatie en omgeving)
- Categorie 2: Water Efficiency (Waterverbruik naar gebruiksdoel)
- Categorie 3: Energy & Atmosphere (Energiegebruik naar gebruiksdoel)
- Categorie 4: Materials & Resources (toegepaste bouwmaterialen)
- Categorie 5: Indoor Environmental Quality (gezondheid en comfort)
- Categorie 6: Innovation & Design Process (innovaties en planning)
Al naar gelang het om nieuwbouw, bestaande bebouwing of verbouwing gaat, worden de criteria aangepast. Bovendien wordt de gebruiksfunctie (school, kantoor, woning) meegenomen in de beoordeling. De verschillende criteria worden beoordeeld met het toekennen van punten. De uiteindelijke certificering kan Brons, Zilver, Goud of Platina zijn. Het systeem wordt wereldwijd toegepast, aanpassingen in de beoordeling vanwege lokale omstandigheden zijn (nog) niet gemaakt.
Bouwmaterialen kunnen bijdragen in het behalen van één van de criteria, oftewel het toekennen van een punt. De recyclingsmogelijkheden van een materiaal worden bijvoorbeeld meegenomen in de beoordeling. In de downloadsectie vindt u een overzicht van de bijdrage van RHEINZINK voor de LEED certificering.
BREEAM - Building Research Establishment Environmental Assessment Method
BREEAM is sinds 1990 op de markt en daarmee Building Research Establishment Ltd. (BRE). Zoals bij LEED wordt naar gebruik de criteria samengesteld:
- Categorie 1: Management
- Categorie 2: Health / Well-being (gezondheid en welzijn)
- Categorie 3: Energy (energie)
- Categorie 4: Transport (infrastructuur in en om het gebouw)
- Categorie 5: Water (watergebruik)
- Categorie 6: Materials (toegepaste materialen)
- Categorie 7: Land use (omgang met de natuur)
- Categorie 8: Pollution (Emissie schadelijke stoffen)
Vergeleken met LEED is niet de 1-punts rating voor alle criteria leidend. De weging van de individuele criteria is vastgelegd in het aandeel van de categorieën. Een minimale kwaliteit voor de verschillende onderwerpen is niet gespecificeerd. De certificatieniveaus Good, Very Good, Excellent en Outstanding kunnenworden toegepast.
Voor de internationale toepassing van het systeem zijn regionale en landelijke aanpassingen gemaakt, waarin klimaat, lokale normen en traditionele bouwmethoden worden meegenomen. Voor bouwmaterialen heeft BRE milieuprofielen opgesteld op basis van een LCA (Life Cycle Assessment), in 13 categorieën met elk hun eigen weging. De vergelijking wordt echter per bouwdeel gemaakt (dak, muur). De bouwdelen worden beoordeeld van E naar A+ en zijn in een online databank terug te vinden. In categorie 6 (Materials) worden alleen punten toegekend voor bouwdelen met een A beoordeling.